October 6, 2016

Post uit de vergetelheid

By Tilburg Cobbenhagen Center

- door Annika Werkman

Nu de Tweede Wereldoorlog al meer dan 70 jaar geleden is zijn er steeds minder mensen die over hun herinneringen aan de oorlog kunnen vertellen. Nieuwe generaties hebben geen eigen ervaringen met de dilemma’s, onderdrukking, en angst van toen. De vraag rijst daarom hoe de herinnering aan de Tweede Wereldoorlog levend gehouden kan worden, hoe een brug geslagen kan worden tussen het heden en het verleden. Een oplossing is om de persoonlijke verhalen van eerste generatie ooggetuigen door te blijven geven, alleen dan via nieuwe media. De tentoonstelling ‘Waarom schrijf je me niet’- post uit de vergetelheid, is een voorbeeld van een project waarbij oude verhalen via nieuwe media worden doorgegeven aan volgende generaties.

De verhalen

De verhalen uit de tentoonstelling zijn grotendeels gebaseerd op briefwisselingen van drie hoofdpersonen, namelijk Wanda Verduin, Jules Schelvis en Nico Peeters. Wanda Verduin was een joods pubermeisje waarvan het leven tijdens de Tweede Wereldoorlog steeds meer werd ingeperkt door de anti-joodse maatregelen. Uiteindelijk werd ze gedeporteerd en overleed zij in Auschwitz. Jules Schelvis was een joodse man die in meerdere concentratiekampen gevangen heeft gezeten en zwaar werk heeft moeten doen. Hij verloor zijn vrouw en veel familie maar heeft de oorlog zelf overleefd. Nico Peeters werkte voor het verzet en schreef onder andere voor de verzetskrant De Waarheid. Hij overleedin Dachau aan tyfus.

De tentoonstelling

De verhalen van de drie hoofdpersonen worden in de reizende tentoonstelling aan de hand van foto’s en fragementen uit hun brieven en dagboeken verteld. Tevens wordt hun persoonlijke verhaal voorzien van context. De bezoeker van de tentoonstelling leert bijvoorbeeld meer over concentratiekampen in het algemeen en over het euthanasie-programma waar de zieken, ouderen en gehandicapten slachtoffer van werden. In de tentoonstelling zijn ook drie filmpjes verwerkt waarin familie van de hoofdpersoon, of de hoofdpersoon zelf, en een verteller aan het woord komen. Jules Schelvis vertelt zelf over zijn belevenissen en wordt afgewisseld met journaliste Natascha van Weezel die zijn ervaringen interpreteert. Over Wanda Verduin wordt verteld door haar broer Ernst Verduin en de zangeres Karsu Dönmez. Nico Peeters wordt besproken door zijn dochter Tonny Peeters en journalist Ad van Liempt. De vertellers nemen het publiek bij de hand bij het proberen te begrijpen van deze geschiedenis.

Brug tussen het verleden en het heden

De filmpjes kunnen, als nieuwe media en door de interpretatie van het verleden door Natascha, Karsu en Ad, worden gezien als een brug tussen het heden en het verleden. Daarnaast zijn ook de thema’s die aan de hand van de briefwisselingen worden besproken, zoals ‘communicatie’, ‘identiteit’, en ‘privacy’, vandaag de dag net zo belangrijk als toen. Door een verwijzing naar Amnesty International wordt duidelijk gemaakt dat ook vandaag censuur bestaat en niet iedereen de vrijheid heeft om te communiceren. Daarnaast wordt duidelijk dat privacy niet vanzelfsprekend is en internet een medium is waar je bewust mee om moet gaan. Jules Schelvis vertelt bijvoorbeeld dat hij geen facebook heeft omdat hij niet wil dat iedereen alles van hem weet, in de oorlog was dat namelijk gevaarlijk. Om bezoekers aan het nadenken te zetten kunnen zij prikkelende vragen over bovengenoemde thema’s beantwoorden in een stemhokje aan het einde van de tentoonstelling.

Educatie

In het educatiemateriaal van de tentoonstelling worden leerlingen uitgedaagd de brieven van de hoofdpersonen te interpreteren, meer achtergrond informatie te verzamelen en zelf iets te schrijven aan de hoofdpersonen of een vraag te stellen aan één van de vertellers. Ook worden ze gevraagd informatie op te zoeken op de website van de tentoonstelling met behulp van QR codes en berichtjes en foto’s te versturen. De leerlingen leren daarom niet alleen over het verleden door de post van de drie hoofdpersonen maar worden door zelf brieven te schrijven, vragen te stellen en verschillende media te gebruiken aan het denken gezet over vrije communicatie en privacy toen en nu.

Annika Werkman studeerde geschiedenis en Engels aan de Universiteit Utrecht. Momenteel rondt zij haar onderzoeksmaster Comparative Literary Studies af waarmee zij zich, mede door haar stage bij het Nationaal Comité 4 en 5 mei, in de Nederlandse herinneringscultuur van de Tweede Wereldoorlog specialiseert. Zij is betrokken bij de community ‘Re-Member’ van het Tilburg Cobbenhagen Center.

Category: Re-Member
September 23, 2016

But I made lemonade!

By Tilburg Cobbenhagen Center

- door Wessel Kouw

In het najaar van 2015 deelde het Tilburg Cobbenhagen Center ‘vrijheidskaartjes’ uit op de campus van Tilburg University. Medewerkers en studenten konden antwoord geven op de vraag ‘Wat betekent vrijheid voor jou?’. Destijds was ik nog geen onderdeel van het TCC-team, maar toen ik in maart 2016 betrokken raakte bij het project Vrijheid Doorgeven kreeg ook ik zo’n kaartje onder m’n neus geschoven. Inmiddels, ruim 5 maanden later, staat er nog niets op het kaartje geschreven. Te veel associaties met het woord vrijheid maken het moeilijk om tot een concrete definitie te komen. De vraag houdt me nog steeds bezig, vooral omdat ik overal om me heen, in verschillende contexten, het begrip vrijheid weer zie opduiken. Een korte reis door de afgelopen 5 maanden…

Deborah Stone

Als onderdeel van mijn bachelor Communicatie- en Informatiewetenschappen (CIW) aan Tilburg University volgde ik een minor Bestuurs- en organisatiewepenschap aan de Universiteit Utrecht. Daar leerde ik over de vier doelen van beleid die Deborah Stone definieert in haar boek ‘Policy Paradox. The art of political Decision Making’: gelijkheid, efficiëntie, vrijheid en veiligheid. Vrijheid wordt door Stone grofweg omschreven als ‘kunnen doen en laten wat je wil, zonder dat je daarbij een ander schaadt’. Ik ben geen Hazes-fan, maar al vrij snel legde ik hier een verband met het nummer ‘Ik leef mijn eigen leven’ waarin Hazes zingt: ‘Ik leef m’n leven zoals ik dat wil, ik bemoei me toch ook niet met een ander’, maar dat ter zijde. De definitie van Stone is te herleiden tot de Engelse filosoof, econoom en politicus John Stuart Mill (1806-1873), die in zijn boek ‘On Liberty’ het schadebeginsel bespreekt. Een uitgebreide uiteenzetting over verschillende filosofische definities van vrijheid valt buiten de scope van deze blog, maar de reden dat deze definitie niet direct de definitie voor op mijn kaartje werd is dat het schadebeginsel mij iets te vaag is. Wanneer schaad je iemand anders? Doen we dat niet elke dag in kleine beetjes? En speelt hierbij niet nog een rol of je het opzettelijk, per ongeluk, bewust of onbewust doet? Nog even verder zoeken dus…

Peter van der Vorst

Aan het einde van een van de afleveringen van ‘Mijn leven in puin’ (RTL 4) hoorde ik een van de deelnemers zeggen dat ze zich bevrijdt voelde van alle spullen om haar heen. In het programma gaat een team van experts aan de slag met mensen die last hebben van verzamelwoede. Het hoogtepunt van het programma is het moment waarop de persoon ik kwestie zijn of haar volledig leeggehaalde huis voor het eerst terugziet. Het probleem is daarmee niet opgelost, want de overvolle huizen zijn meestal het gevolg van psychologische problemen. Een team van psychologen gaat daarom aan de slag om ook hier een oplossing voor te vinden.

Wat heeft dit alles nu met de definitie van vrijheid te maken? Het feit dat de vrouw in deze aflevering het had over een gevoel van bevrijding deed me realiseren dat het tegenbeeld van vrijheid niet alleen een kwestie van politieke onderdrukking is. We kunnen als individu ook zelf onze eigen vrijheid beperken: de wereld die we om ons heen creëren maar psychologische en fysieke factoren leggen beperkingen op aan onze vrijheid. Als we dit afzetten tegen het schadebeginsel, mogen we alleen anderen niet schaden met ons handelen of moeten we ook het individu (ons zelf) opnemen in de interpretatie van deze definitie?

Beyoncé

In april lanceerde Beyoncé haar nieuwste album ‘Lemonade’. Een van de nummers die meteen een hit werd is de track ‘Freedom’. Op internet worden flinke discussies gevoerd over waar de tekst nu eigenlijk over gaat, maar de grote lijnen zijn duidelijk: er zijn verschillende krachten in werking die Beyonce haar vrijheid beperken. De moraal van de songtekst is dat Beyonce sterk genoeg is om de krachten te overwinnen. De tekst staat vol van metaforen die de vrijheid beperkende invloeden beschrijven als natuurkrachten: ‘Tryna rain on the thunder, tell the storm I’m new’. Als deze natuurkrachten echt bestaan, bestaat er dan wel zoiets als absolute vrijheid? Denk aan de vele natuurrampen die we vandaag de dag op het nieuws zien: kun je spreken over ‘doen en laten wat je wil’ als je niet eens de deur uit kan? Zelfs als alle mensen elkaars vrijheid volledig mogelijk zouden maken, leefden we dan in absolute vrijheid?

Hoe ik deze bevindingen ga verwerken in een definitie van vrijheid weet ik nog niet. Deze zoektocht lijkt een beetje een kritische, misschien wel cynische ondertoon te krijgen. Dat is echter niet de conclusie waarmee ik wil eindigen, want ondanks alle manieren waarop vrijheid beperkt kan worden: we hebben als mensen de mogelijkheid om, ondanks de gegeven omstandigheden, het beste van onze situatie te maken. Beyoncé deelt dit motto en gebruikt er de volgende woorden voor: ‘I was served lemons, but I made lemonade!’.

Category: Re-Member
September 23, 2016

Open Joodse Huizen

By Tilburg Cobbenhagen Center

- door Annika Werkman

Terwijl ik de wereldwinkel in Gouda binnenstap wordt ik gelijk vriendelijk begroet. Ik ben daar niet om iets te kopen, maar om een herdenking van Open Joodse Huizen bij te wonen. Ik neem plaats op één van de stoelen die in rijen zijn opgesteld in het midden van de winkel. Om half elf staat de winkel vol met bezoekers en kan de herdenking beginnen. De namen van de twee families die hier hebben gewoond worden voorgelezen en met behulp van foto’s wordt hun levensverhaal verteld. De luisteraars vernemen dat de vader slager was en de winkel vroeger een slagerij, leren meer over de joodse gemeenschap in Gouda en de toenemende onderdrukking van de joden tijdens de eerste jaren van de Tweede Wereldoorlog tot de joodse families werden gedeporteerd en vermoord. Iedereen is stil en denkt aan hen.

Rond 4 mei vinden sinds 2012 elk jaar herdenkingen in Open Joodse Huizen plaats. Tijdens deze bijeenkomsten worden verhalen verteld over de joodse families die tot de Tweede Wereldoorlog in die huizen woonden. Voor mijn stage bij het Nationaal Comité 4 en 5 mei onderzocht ik de rol van persoonlijke verhalen in nieuwe vormen van herdenken en daarvoor nam ik Open Joodse Huizen als case-study onder de loep. Ik heb het vertellen van verhalen bij de herdenkingen van Open Joodse Huizen onderzocht aan de hand van drie thema’s, namelijk: de plaats waar de verhalen worden verteld, het genre van de verhalen en het doorgeven van verhalen.

Plaats

Open Joodse Huizen vindt plaats op een locatie en een tijd. De locaties zijn huidige woningen, kerken, winkels en scholen die tot de Tweede Wereldoorlog werden bewoond door joodse families, en tijdens de herdenking zijn opengesteld voor bezoekers. Open Joodse Huizen past hiermee ten eerste bij een trend waarin lokale plaatsen in verband worden gebracht met de Tweede Wereldoorlog, we zien dit ook terug in andere projecten zoals Oorlog in mijn buurt. Ten tweede faciliteert Open Joodse Huizen hiermee een persoonlijke betrokkenheid van zowel verteller, organisatie en bezoekers met het huis in de lokale omgeving en met elkaar als buurtbewoners. Ten derde sluiten de herdenkingen aan bij de joodse traditie om het leven van de doden te herdenken in het huis van de familie. Ten vierde brengt deze plaats mensen in aanraking met een tastbaar verleden, de plek waar de mensen die worden herdacht vroeger woonden. Ten slotte faciliteert de ontmoeting persoonlijke interactie tussen de verteller en de bezoekers omdat er bijvoorbeeld vragen worden gesteld.

Niet alleen de beperkte beschikbaarheid van de locatie, maar ook de samenstelling van verteller en publiek en hun interactie zorgen voor een niet herhaalbare herdenking. Naast het tijdelijke karakter van Open Joodse Huizen komt de betekenis van de tijd ook terug in de datum waarop het project plaatsvindt. De verhalen die worden verteld tijdens de bijeenkomsten van Open Joodse Huizen vormen een invulling van de twee minuten stilte van de Nationale Dodenherdenking op 4 mei om 20:00 uur op de Dam in Amsterdam.

Verhaal

Naar aanleiding van mijn onderzoek concludeer ik dat een hybride verhaal dat bestaat uit meerdere genres het meest geschikt is om te delen tijdens nieuwe vormen van herdenken. In heb het dan over een verhaal dat in verband wordt gebracht met de algemene geschiedenis, wordt verteld vanuit het perspectief van een ooggetuige, literaire elementen bevat waarmee de luisteraar wordt geholpen om zich in iemand anders en een andere tijd te verplaatsen en geïllustreerd wordt door objecten die een levende verbinding vormen met het verleden.

Doorgeven

De verhalen over de Tweede Wereldoorlog zullen met het overlijden van de eerste generatie niet meer door ooggetuigen worden doorverteld. Toch kunnen de persoonlijke verhalen doorgegeven worden door nieuwe verhalendragers, zoals de tweede generatie en de media. Het archief kan hierbij een bron aan verhalen zijn. In de toekomst zullen dus nieuwe vertellers en bronnen samengebracht moeten worden om de verhalen door te blijven geven aan nieuwe generaties.

Annika Werkman studeerde geschiedenis en Engels aan de Universiteit Utrecht. Momenteel rondt zij haar onderzoeksmaster Comparative Literary Studies af waarmee zij zich, mede door haar stage bij het Nationaal Comité 4 en 5 mei, in de Nederlandse herinneringscultuur van de Tweede Wereldoorlog specialiseert. Zij is betrokken bij de community ‘Re-Member’ van het Tilburg Cobbenhagen Center.

Category: Re-Member
June 21, 2016

Citizen science

By Tilburg Cobbenhagen Center

“Kan ik archiefonderzoek uitbesteden aan burgers? Hoe houd ik als wetenschapper voldoende ‘feeling’ met de verkregen onderzoeksdata?”

- door Liesbeth Hoeven

Cf1xem1W4AA6Hlr

‘Burger en wetenschap gaan in ondertrouw’, zo kopte dagblad Trouw op zaterdag 4 juni j.l. Aan de Universiteit van Utrecht zijn 500 vrijwilligers ingezet om data te verwerken uit het trouwarchief van Amsterdam. Geliefden die in een ver verleden het voornemen hadden om te trouwen, vulden een papier in met persoonlijke gegevens – leeftijd, beroep, namen van allebei de ouders. Het resultaat? Een half miljoen, handgeschreven, ondertrouwformulieren. Deze formulieren zijn bewaard gebleven en blijken, voor de sociale wetenschap, een prachtige bron van onderzoek. Maar hoe verwerkt een wetenschapper deze schat aan informatie in een digitale database? Kan een groep vrijwilligers, die het ontcijferen van oude handschriften en archiefstukken als vrijetijdsbesteding bezigen, uitkomst bieden?

Zonder meer! ‘Citizen science’, ofwel burgerwetenschap, is een populaire term voor de betrokkenheid van burgers bij wetenschappelijke projecten. Het onderliggende idee is dat vrijwilligers kunnen helpen bij het versnellen of vergemakkelijken van het onderzoeksdoel van een wetenschapper. In ruil voor hun inspanningen worden vrijwilligers professioneel geschoold in een bepaalde onderzoeksmethode of wegwijs gemaakt binnen een bepaald onderzoeksdomein. Een win-win situatie? De bijdrage van vrijwilligers aan wetenschappelijke projecten geeft bij alle betrokkenen voldoening; niet op de laatste plaats vanwege de bijzondere vondsten die tijdens een joint venture worden gedaan en gedeeld. Het succes van deze formule ondervond ik dit voorjaar zelf, tijdens een workshop in het Regionaal Archief Tilburg.

Samen met een groep van amateurhistorici en vrijwilligers die verbonden waren aan heemkundekringen, archieven of andere erfgoedinstellingen wilden mijn onderzoeksassistenten Daniëlle, Wessel, Arnold en ik zoveel mogelijk informatie verzamelen over specifiek één van de Tilburgse studenten die tijdens de Tweede Wereldoorlog is omgekomen. Van deze student – Nico Wolf is zijn naam – was in beginsel niets meer bekend dan een sterfdatum; te weinig informatie om zijn leven te herdenken middels een portret in een boek en op een digitaal monument (inderdaad: ons onderzoeksdoel). Tijdens de workshop kwamen we er met vereende krachten achter waar deze jonge student in kwestie is geboren en gestorven, wie zijn familie is, waar hij op school zat en ontdekten we onder andere zijn voorliefde voor puzzelen en schaken.

Het Regionaal Archief Tilburg leerde onze groep vrijwilligers meer over de verschillende online zoekstrategieën en het verifiëren van bronnen. Vanwege de enthousiaste reacties van de betrokken deelnemers en de geboekte resultaten zal de workshop dit najaar een vervolg krijgen. Er zijn nog minstens 21 Tilburgse studenten – zo weten wij inmiddels – die stierven tijdens bombardementen, verzetsactiviteiten, in concentratiekampen of aan de gevolgen van dwangarbeid. Ook zij hebben behalve een naam, ook een uniek verhaal en een gezicht. Inmiddels weet ik dat archiefonderzoek ons op het spoor kan brengen van hun nabestaanden; van familieleden, vrienden of kennissen. Op het moment dat wij vanuit de universiteit met hen in contact komen, realiseer ik me dat burgers én wetenschappers inderdaad niet in twee gescheiden werelden leven. We zijn allemaal medemens. De levensverhalen en herinneringen die nabestaanden over hun geliefden delen maken indruk op mij persoonlijk. Zo ook de officiële akten, handgeschreven brieven en foto’s die vaak generaties lang bewaard zijn gebleven.

Wanneer ik deze ‘onderzoeksdata’ onder ogen krijg en mensen hun verhaal aan mij toevertrouwen dan voel ik mij bevoorrecht als burger: ‘I love this science’!

* * *

Wekt ‘citizen science’ je nieuwsgierigheid als burger? Het Tilburg Cobbenhagen Center organiseert samen met het Regionaal Archief Tilburg in het najaar van 2016 een serie workshops, die in het teken staan van het universitaire gedenkproject ‘Vrijheid doorgeven’. Meer informatie is binnenkort beschikbaar op de website van het Tilburg Cobbenhagen Center en het Regionaal Archief Tilburg. Een verslag van de try-out – een eerste workshop die we organiseerden – lees je in deze brochure: http://jil.st/symposiumbundel

Heeft ‘citizen science’ je wetenschappelijke interesse? De Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen organiseerde op 16 juni 2016 een conferentie over de praktische consequenties van ‘citizin science’. Zie voor meer informatie: https://www.knaw.nl/nl/actueel/agenda/citizen-science

Category: Re-Member
June 16, 2016

Achilleshiel van onze beschaving

By Tilburg Cobbenhagen Center

- door Frank Bosman

Omar Mateen, een gefrustreerde en boze Amerikaan vermoordde enkele dagen geleden vijftig mannen, zeer waarschijnlijk enkel en alleen omdat ze homoseksueel waren. Volgens Mateens vader en ex-vrouw was Omar op alles en iedereen boos: andersgelovigen, negers, vrouwen en vooral homo’s. Volgens de verhalen zou Omar geknakt zijn toen hij in Florida twee mannen openlijk op straat met elkaar zag zoenen.

De wereldwijde afschuw is een feit. De dolle actie van Mateen betekent, aldus commentatoren en opiniemakers, niet alleen de dood van vijftig bijna willekeurige mensen, maar tevens een aanval op onze vrijheid. De Portland Press Herald verwoordt het fraai:

Attacking these men and women in a place where they could feel free and be open about who they were was an attack on freedom and openness. It was an attack on American values.

Mateen viel, aldus deze krant, iedereen aan. Iedereen die open en eerlijk voor zijn geaardheid wil uitkomen. En iedereen die zijn of haar homoseksuele medemens hierin steunt. Het is, aldus de krant, een aanslag op de ‘Amerikaanse waarden’.

Nu denk ik zo maar dat niet elke Amerikaan fan is van openlijke homoseksualiteit. Ik herinner met nog goed dat de federale overheid van president Barack Obama in de clinch lag met diverse Amerikaanse staten over het wel of niet mogen huwen van mensen van gelijk geslacht. Dus of het hier om een ‘Amerikaanse waarde’ gaat weet ik niet, maar ik weet wel dat deze aanslag harder aankomt dan menig andere terreurdaad in binnen- of buitenland.

Homoseksualiteit is namelijk niet louter iets dat moet worden geaccepteerd, maar ook gerespecteerd en zelfs omarmd. De acceptatie en omarming van homoseksualiteit is een lakmoesproef geworden in onze Westerse beschaving. Wie ook maar het geringste voorbehoud maakt als het om de volstrekte gelijkschakeling van hetero- en homoseksualiteit gaat, wordt in feite gediskwalificeerd als serieus te nemen partner in het maatschappelijk debat.

Ik doe geen uitspraak of deze lakmoesproef terecht als zondanig functioneert, dat is voer voor een andere column. Ik meen echter wel vast te mogen stellen dat deze lakmoesproef tegelijk onze achilleshiel zal blijken te zijn. Wie expliciet homoseksuelen aanvalt, doet hiermee inderdaad een aanval op alles waarmee wij ons in het Westen identificeren. De vrijheid om zelf te bepalen wie je bent. De vrijheid om zelf te bepalen op wie je valt. De vrijheid om zelf te bepalen met wie je seks hebt. De vrijheid om zelf te bepalen met wie je gaat trouwen.

Mateen valt die vrijheden aan. Het protest tegen deze gruweldaad is meer dan terecht, maar laat tegelijkertijd zien waar ‘het Westen’ te raken is. Ik ben bang dat ‘Orlando’ slechts de voorbode is van meer geweld tegen homoseksuelen. De terroristen hebben onze achilleshiel gevonden, en zullen er geen enkel probleem mee hebben daar tot bloedens toe op te hakken.

May 26, 2016

Een ontregelende vraag

By Tilburg Cobbenhagen Center

Schermafbeelding 2016-05-25 om 09.16.54

- door Thijs Caspers

Wat gebeurt er als we de rust binnenlaten? Als we uit onze dagelijkse groef komen en onze smartphone en laptop eens voor een paar dagen in de la leggen? Het klinkt als een onbeduidend experiment. Toch zou het wel eens een groter effect kunnen hebben dan op voorhand gedacht. Waarschijnlijk zal het ook moeilijker zijn dan we denken. Gewend als we zijn aan prikkels en nieuwe informatie. De phone is nooit ver weg als we wachten op een trein, een bus, of een afspraak.

Dat de voortdurende verbondenheid met het internet ons van meer informatie voorziet dan dat we ooit durfden te dromen staat buiten kijf. Binnen een handomdraai is er een wereld van feiten beschikbaar. Zo worden we omringd door een ongekende stroom aan gegevens. Tegelijkertijd sluimert er bij mensen ook een aanzwellend verlangen naar rust en stilte. De zee aan informatie zorgt ervoor dat het moeilijker is om je hoofd boven water te houden. Waar is het overzicht in een steeds complexer wordend web van input? Wat zijn de juiste keuzes in een wereld zonder grenzen die suggereert dat alles mogelijk is? En wanneer is er ruimte om eens ontspannen adem te halen en niets te hoeven? Kloosters lijken vandaag de dag een nieuwe bestemming te hebben gevonden. Als oplaadpunten zijn zij een baken van rust in een wereld die continu in de hoogste versnelling staat. Als oasen zijn zij pleisterplaatsen voor de mens die smacht naar onthaasting.

Ja, wat gebeurt er als we de rust binnenlaten? Gaan we er anders van kijken? Vallen ons dingen op waar we voorheen overheen keken? Vele wijsheidstradities zullen dit volmondig beamen, dat mag geen verrassing heten. Onverwacht is echter de bijval uit medische hoek. In het bijzonder het hersenonderzoek. Waar onderzoek zich eerder vooral concentreerde op het doorgronden van verschillende deelgebieden van de hersenen, is er tegenwoordig een groeiende aandacht voor netwerken in ons brein. Een van deze netwerken in het ‘Default Mode Network’. Dit netwerk wordt actief wanneer mensen cognitief tot rust komen. Als we een stoepje vegen, een ommetje maken, of met de blik op oneindig uit het raam staren.

Cognitief tot rust komen lijkt veel belangrijker dan voorheen gedacht. Het ordent het geheugen: onze autobiografische ervaringen en indirect daarmee ook onze motorische herinnering. Tegelijkertijd lijkt het ‘Default Mode Network’ ook belangrijk te zijn voor onze creativiteit. De sluimerende activiteit tijdens momenten van rust, schept de ruimte voor de creatieve inval. Door de controle en de cognitieve activiteit los te laten kan het nieuwe en onverwachte tot ons doordringen. Door te balanceren tussen activiteit en passiviteit kan creativiteit tot bloei komen.

Maar wat betekent dit inzicht voor de academie? Welke plaats heeft een gezonde passiviteit binnen de universiteit? Het is een zachte maar uiterst ontregelende vraag. Heeft zij een plek, of verdwijnt de passiviteit onder de stortvloed aan targets, afspraken en prioriteiten die zich dagelijks aan ons opdringen? Durven we ruimte te scheppen voor een gezonde passiviteit? Durven we het aan ons op onverwachte wijze te laten veranderen? Zomaar wat gedachten die in me opkomen, turend uit het raam.

May 17, 2016

Een 5voor5-moment

By Tilburg Cobbenhagen Center

- door Arnold van der Werff

Wanneer denken mensen in Tilburg of in Nederland nu eigenlijk na over vrijheid, want het is toch een recht van iedereen? Twee weken geleden stond het thema vrijheid centraal bij het jaarlijkse bevrijdingsfestival. Het thema van deze en de komende vier edities is ‘Geef vrijheid door’, wat mooi aansluit bij het gedenkproject van het Tilburg Cobbenhagen Center. Behalve dat deze festivals een moment zijn om vrijheid te vieren met artiesten als ambassadeur van de vrijheid, was er dit jaar een bijzonder 5voor5-moment.

Op dit tijdstip – 16:55 uur – werd op bevrijdingsfestivals landelijk vijf minuten stilgestaan bij onze vrijheid en bij de onvrijheid van anderen op de wereld. De organisatie van de bevrijdingsfestivals hadden namelijk bedacht om op elk festival vluchtelingen te laten spreken. Deze vluchtelingen kwamen door oorlog of strijd in eigen land met gevaar voor eigen leven naar Nederland, in de hoop hier een beter leven te leiden. Eén van de vluchtelingen die in Nederland op het podium stond, was vluchteling Zakwan Alhalabi, die door het televisieprogramma Eén Vandaag gevolgd werd tot aan zijn 5voor5-moment op het bevrijdingsfestival van Zwolle.

Tijdens de reportage merk ik hoe zwaar hij het heeft om te praten over de situatie in zijn thuisland Syrië, mede omdat hij daar veel vrienden en familie heeft verloren en het feit dat zijn gezin, zijn familie nog in Syrië zit. Wat mij het meeste intrigeerde in dit verslag was het moment dat Zakwan Alhalabi op het enorme podium in Zwolle stond en in het Nederlands zei: ‘Ik geef vrijheid door.’ Hij gunt, ondanks zijn eigen situatie, iedereen vrijheid en hoewel wij dat allemaal doen, weet iemand als Zakwan écht wat het verschil tussen vrijheid en onderdrukking of oorlog is.

Alle 19 in de Tweede Wereldoorlog omgekomen studenten van Tilburg University hebben dit verschil zelf ook ervaren. Zij hebben meegemaakt hoe het is om in een vrij en later onderdrukt Nederland te leven, waarbij ze voor enorm lastige en moeilijke situaties hebben gestaan. Door onderzoek te doen naar hun levens en te achterhalen wat de rode draad in hun leven is geweest, ben ik zelf des te meer gaan nadenken over wat vrijheid nu eigenlijk voor mij betekent. Wat houdt dit ogenschijnlijk eenvoudige thema in voor mij?

Het verhaal van Zakwan Alhalabi maakt op een bijzondere manier duidelijk hoe het is om in vrijheid te zijn en dat dit iets anders is dan in vrijheid te leven, wetende dat jouw familie nog in het gebied zit dat jij bent ontvlucht. Hij is vrij, maar wordt eigenlijk gebonden door de onderdrukking van zijn familie. Vrijheid houdt voor mij dan ook in: ‘Leven in een omgeving waarbij je naasten en jij in dezelfde, vrije situatie leven waarin men kan doen en laten wat men wil en waarin het bouwen van een leven zonder onderdrukking mogelijk is.’

De waarde van vrijheid wordt namelijk pas echt duidelijk wanneer wij actief bezig zijn met dit thema. Dit geldt zowel voor de overleden Tilburgse studenten tijden de Tweede Wereldoorlog, als voor de huidige studenten op de campus, als voor de vluchtelingen die vanwege onderdrukking en oorlog genoodzaakt zijn om weg te gaan uit hun vertrouwde omgeving. Laat die bijzondere 5voor5-momenten, in aanloop naar bevrijdingsdag 2017, maar komen!

Meer weten? Voor de reportage met Zakwan Alhalabi in Eén Vandaag, zie: http://binnenland.eenvandaag.nl/tv-items/66919/hoe_beleeft_een_vluchteling_bevrijdingsdag_

Category: Re-Member
May 13, 2016

Pinksteren: feest van verlichting

By Tilburg Cobbenhagen Center

Deze dagen vieren christenen wereldwijd het hoogfeest van Pinksteren, vijftig dagen na Pasen. De christelijke overlevering spreekt over Pinksteren als ‘het feest van de Geest’. Erg fraai natuurlijk, maar wat is de betekenis van een dergelijk feest in een samenleving die zijn christelijke veren in rap tempo aan het afschudden is? Cultuurtheoloog Frank Bosman legt uit.

- door Frank Bosman

Het verhaal

Eerst maar eens naar het Pinksterverhaal zelf. Volgens het verhaal zaten Jezus’ moeder en beste vrienden ergens in een achterafkamertje bij elkaar. Ze waren totaal gedesillusioneerd. Hun rabbi predikte een nieuwe religie van geloof, hoop en liefde. Hij zou Israël bevrijden van de buitenlandse (Romeinse) overheersing. En dat ging dus mooi niet door. De Romeinse heerser Pontius Pilatus had er geen probleem mee Jezus als de zoveelste opstandeling te executeren. Jezus’ vrienden stoven uiteen als een troep kippen, bang om hetzelfde lot te ondergaan. Bang, onzeker en vol schaamte zitten ze nu samen hun knopen te tellen. Sommigen fluisteren dat Jezus is verrezen uit de dood, sommigen melden zelfs verschijningen, maar de meesten weten nog niet precies wat ze moeten geloven.

In vuur en vlam

Op die 50e dag, zo wil het verhaal, steekt er in hun gemeenschappelijk verblijf een harde wind op. Het stormt in hun huis. En allemaal zien ze hetzelfde onverklaarbare verschijnsel: een groot vuur dat elk van hen aanraakt. Het vuur verbrandt hun huid niet, maar zet wel hun hoofd en hart in vuur en vlam. Weg is de boosheid, de angt en de onzekerheid. Ze stormen naar buiten en beginnen tegenover de stomverbaasde menigte buiten een vurig pleidooi af te steken. Over geloof tegen beter weten. Over hoop tegen de verdrukking in. Over een liefde die sterker is dan de dood.

Intrigerend detail aan het Pinksterverhaal is dat alle internationale touristen en pelgrims die in Jeruzalem zijn op dat moment, de woorden van Jezus’ vrienden “in hun eigen taal” konden verstaan: Grieken, Romeinen, Perzen, Egyptenaren, allemaal. Wellicht spraken de vrienden ‘gewoon’ Grieks, het Engels van die dagen. Of misschien ‘gewoon’ Hebreeuws, dat alle (Joodse) pelgrims konden verstaan. Of misschien ging het om meer dan woorden alleen. Christenen spreken over ‘de gave van de heilige Geest’, die mensen uit alle talen, rassen en naties met elkaar verbindt in het ene grote verhaal van de Gestorvene.

Life altering experience

Mooie praatjes, denk je dan misschien. Leuk verhaal, om aan kinderen voor te lezen. Weer eens iets anders als de sprookjes van Grimm of Harry Potter. Maar volgens mij is er meer aan de hand. Jezus’ leerlingen ontvingen op die ene dag een life altering experience. Ze werden verlicht, zou een Boeddhist zeggen. Ze werden wakker uit een nachtmerrie, zou een psycho-analyticus zeggen. Ze kregen dieper inzicht in de wereld, zou een wetenschapper mompelen.

Hoop

Dat is de appelerende boodschap van Pinksteren, ook voor onze tijd, of je nu wekelijks in de kerk zit of niet. Jezus’ boodschap van geloof, hoop en liefde. Geloof dat een betere wereld mogelijk is. De hoop dat die wereld ooit kan worden bereikt. En de liefde die ervoor zorgt dat je dit ideaal kan blijven vasthouden, dwars door oorlogen, vluchtelingenstromen en Panama Papers heen. Het geloof in een betere wereld drijft immers ook elke wetenschap, dat meer kennis van deze wereld goed is voor iedereen die erop leeft. De hoop dat die kennis onder handbereik ligt, met stapjes tegelijk te vergaren. En de liefde, die zorgt dat de vreugde van een wetenschapper om het vergroten van zijn kennis, altijd ten dienste staat van de gehele samenleving.

Niet voor niets wordt deze Geest aangeroepen aan het begin van elke academische zitting aan onze universiteit. Ik wens u een zalig Pinksteren.

Bron:

https://www.tilburguniversity.edu/nl/actueel/nieuws/bosman-pinksteren-feest-van-verlichting/

May 9, 2016

Gevangen Beschaving

By Tilburg Cobbenhagen Center

- door Frank Bosman

gevangenis

De kwaliteit van een samenleving wordt niet bepaald door de stand van de technologie, noch door het Bruto Nationaal Product. De mate van beschaving wordt niet afgemeten aan de internetsnelheid van de gemiddelde burger, noch aan de hoogte van de collectieve zorguitgaven. De kwaliteit van een samenleving wordt bepaald hoe wij omgaan met de gemarginaliseerden, de chronisch zieken, de armen, de daklozen, de migranten, de vluchtelingen en de gevangenen. De mate van beschaving wordt gemeten aan de hand van hoeveel vrijheid en geluk wij creëren voor de medemens die we eigenlijk afstotelijk vinden.

Het rommelt in de Belgische gevangenissen. Het personeel van de Waloonse gevangenissen staakt al twee weken. De gevangen worden door een gelegenheidscoalitie van politie, vrijwilligers en NGO’s in leven gehouden. Simpele zaken als douchen, bezoek, luchten en zelfs sommige maaltijden worden bijna een luxe. De regering probeer met 180 militairen het ergste leed te ledigen. Maar ook in Vlaanderen is het onrustig. In Merksplas kwamen 200 gevangen in opstand omdat ze meer inspraak in het gevangenisbeleid willen. De ravage was enorm.

Gevangenissen, het blijven rotdingen. Niemand wil ze eigenlijk hebben, maar hun noodzaak dringt zich op. Gevangenissen zijn nodig om veroordeelde misdadigers hun straf te laten uitzitten, om de maatschappij te beschermen tegen hun kwade plannen, én om hen ooit weer gerehabiliteerd te doen terugkeren in de gewone burgermaatschappij. Vooral dat derde is meer wensdenken dan realiteit, weten we uit talloze onderzoeken. Wie jaren ‘aan de andere kant’ heeft gewoond, kan slecht aarden in een maatschappij die hem niet meer kent en waar alle oude sociale netwerken verdwenen zijn.

Hoe je vervolgens met die veroordeelde criminele moet omgaan, is een blijvend probleem in onze samenleving. Enerzijds willen we hen humaan behandelen: voedsel, lichamelijke oefening, geestelijke verstrooiing, voorbereiding op terugkeer in de maatschappij, werk enzovoorts. Anderzijds is er een sterke maatschappelijke stroom die meent dat gevangenissen vooral ‘staatshotels’ zijn, en dat gevangenen blij mogen zijn dat we nog zoveel moeite voor hen doen. Voor sommigen die in vrijheid leven, is de pseudovrijheid van de luchtplaats nog teveel, is de spelcomputer om de dodelijke verveling te verdrijven nog teveel luxe. ‘Die heb ik thuis ook niet,’ zegt dan de boze burger. Maar jij kan de deur uit wanneer je dat wilt, hij niet.

De superioriteit van onze beschaving wordt niet bepaald aan deze kant van de gevangenismuur, aan de buitenkant, maar aan de andere kant, aan de binnenkant.

April 25, 2016

Uit de slachtofferrol

By Tilburg Cobbenhagen Center

- door Wessel Kouw

Het Regionaal Archief Tilburg organiseerde op 21 april 2016 een middag die in het teken stond van Joden in Brabant tijdens de oorlog: “Omdat we weten van hun lot”. Een dag vol mooi verhalen van inspirerende onderzoekers en andere geïnteresseerden. Van alles wat er die dag is gezegd, is een ding me het meest bijgebleven: “mensen uit de slachtofferrol halen”. Deze woorden vatten wat mij betreft goed samen waar het digitale herdenkingsmonument van Tilburg University over gaat.

De studenten die we herdenken zijn meer dan een naam, een jaartal en een adres. Het zijn mensen, elk met hun eigen gezicht, eigen emoties en hun eigen verhalen. Het lot overkwam hen, maar het bleven individuen met hun eigen keuzevrijheid. Wie waren zij en waarom maakten ze de keuzes die ze maakten? Zelf kunnen ze hun verhalen niet meer vertellen, maar door zo veel mogelijk informatie over hen te verzamelen proberen we ze weer een gezicht te geven. Zo hebben we onderzoek gedaan in het archief van T.S.C. st. Olof naar hoe het verenigingsleven er ten tijde van oorlog uit zag. Veel foto’s zijn er niet, maar brieven en notities geven een inkijkje in het studentenleven van die tijd. Tussen de formele zinnen en woorden proef je de emoties: woede, vastberadenheid, maar ook angst en verdriet: “Onderzoek op ooghoogte”.

Ik heb me aan dit project verbonden omdat ik het goed vind om stil te staan bij wat het betekent om student te zijn. Te snel nemen we de wereld om ons heen voor lief. De universiteit bestudeert niet alleen de samenleving, maar is daar zelf ook een wezenlijk onderdeel van. Dat betekent ook dat een zeker mate van betrokkenheid gepast is.

In zijn pamflet ‘Broederschap’ betoogt Eurocommissaris Frans Timmermans dat de grote problemen in de wereld te herleiden zijn tot een gebrek aan verbondenheid. We zouden niet meer open staan voor elkaars ideeën en verhalen. Wanneer we echt naar elkaar luisteren kunnen we elkaar begrijpen of in ieder geval een dialoog aangaan. Het project Vrijheid Doorgeven ligt wat mij in het verlengde van die visie. Samen in gesprek over vrijheid, en wat dat betekent voor het studentenleven. Zoals gezegd kunnen we niet meer in gesprek met de studenten die in de oorlog zijn gesneuveld. We kunnen ons wel openstellen voor hun verhalen en daar van leren.

Er wordt misschien beknibbeld op de financiële ondersteuning, maar nog steeds hebben we de vrijheid om ons als individuen te ontwikkelen. Zijn we ons daar wel van bewust en wat doen we eraan om deze vrijheid te koesteren? De internationale studentenpopulatie van Tilburg University herbergt ongetwijfeld mooie verhalen van mensen voor wie vrijheid niet altijd zo vanzelfsprekend was. Hoe kijken zij naar de studentencultuur in Tilburg?

Een hoop vragen waar ik je geen direct antwoord op kan geven. Door de komende tijd veel onderzoek te verrichten en in gesprek te gaan met mede-studenten hoop ik een aanzet te kunnen geven. Mocht je daaraan willen bijdragen hoor ik het graag.

 

Wilt u meer informatie over het digitale herdenkinsmonument van Tilburg University? Zie: www.tilburguniversity.edu/vrijheiddoorgeven & twitter.com/gedenkvrijheid

 

Category: Re-Member

Tilburg Cobbenhagen Center

Het Tilburg Cobbenhagen Center stimuleert het gesprek over onderwerpen waarin de identiteit en missie van Tilburg University – 'Understanding Society' – tot uitdrukking komen en onderzoekt de betekenis daarvan in de hedendaagse academische context en samenleving.

Hiertoe brengen we in 'Communities of Practice' praktijkbeoefenaars, bestuurders en wetenschappers samen, zoeken we aansluiting bij waardendebatten die in de samenleving spelen en formuleren we onderzoeksvragen die van maatschappelijke meerwaarde zijn.

Op dit weblog lees je vanaf 26 september 2016 - de dag dat onze geheel vernieuwde website wordt gelanceerd - wat medewerkers van het Tilburg Cobbenhagen Center en onze interne en externe samenwerkingspartners zoal bezig houdt!

www.tilburguniversity.edu/
cobbenhagencenter

Communities of Practice